Toen TaxFlow bij ons aanklopte, stond hun site al meer dan vijf jaar zonder updates. De inhoud klopte nog, maar de site was traag, oogde verouderd en werkte niet mee met de Google Ads-campagne die er verkeer op afstuurde. Die vijf jaar stilstand was nooit een beslissing geweest. Het was gewoon gebeurd, jaar na jaar, tot niemand er nog naar keek.
En dat is precies mijn punt. Hoeveel onderhoud je website de komende jaren vraagt, beslis je grotendeels op een dag: niet de dag dat er iets stukgaat, maar de dag dat je je platform kiest. Kies je een WordPress-site vol plugins, dan teken je voor structureel onderhoud, elke maand opnieuw. Kies je een statische site, zoals wij er veel bouwen, dan schuif je een groot deel van dat probleem gewoon weg. Onderhoud is dus geen kwestie van discipline of pech. Het is een gevolg van architectuur, en die architectuur kies je aan het begin.
Wat je eigenlijk onderhoudt
Onderhoud klinkt vaag, dus maak het concreet. Aan een doorsnee WordPress-site houd je een paar dingen levend:
- de kern van WordPress zelf, die regelmatig een nieuwe versie krijgt;
- elke plugin die je installeerde, los van elkaar en op hun eigen tempo;
- het thema en de PHP-versie waarop alles draait;
- de backups, en de controle of je contactformulier nog mailt en of er geen links gebroken zijn.
Hoeveel onderhoud een website vraagt, hangt vooral af van hoeveel bewegende delen ze heeft. Een site met tien plugins heeft tien stukjes software die onafhankelijk van elkaar verouderen, en tien kansen dat er iets breekt: bij een update, of net omdat je die update overslaat. Een statische site heeft in de praktijk geen van die delen. Dat verschil klinkt technisch, maar het bepaalt rechtstreeks hoeveel werk en risico je de komende jaren draagt.
Waarom WordPress structureel onderhoud vraagt
Elke plugin is code van iemand anders, die af en toe een lek dicht dat een aanvaller anders zou gebruiken. Zolang je die updates volgt, is er weinig aan de hand. Sla je ze over, dan stapelt de achterstand zich op, en op een dag draait je site op software waarvan de gaten publiek bekend zijn.
Dat is geen doemdenken. In het jaarrapport over gehackte websites van beveiligingsbedrijf Sucuri draaide ongeveer 39 procent van de gehackte sites een verouderde versie van hun CMS-kern op het moment van de infectie. WordPress duikt in die cijfers het vaakst op, maar vooral omdat het veruit het meest gebruikte systeem ter wereld is, niet omdat het van nature onveilig zou zijn. De automatische updates van de WordPress-kern hebben dat soort inbraken de voorbije jaren zelfs teruggedrongen.
Het zwakke punt verschuift daardoor naar de rest. Bij ongeveer 14 procent van de opgeruimde sites zat er een kwetsbare plugin of een kwetsbaar thema in het systeem, en dat is nu net het deel dat jij zelf moet bijhouden. De kern update grotendeels zichzelf; de plugins die jij koos, niet. Doe je dat onderhoud niet, dan stapelt de verwaarlozing zich stil op.
De oude site waarmee TaxFlow bij ons kwam, stond meer dan vijf jaar stil: traag, verouderd en niet meer overtuigend, zonder dat iemand er nog naar keek. De schade bleef daar zichtbaar maar beperkt, een site die geen bezoekers meer overtuigde. Bij een verwaarloosde site die op verouderde plugins draait, kan diezelfde stilstand evengoed uitdraaien op een hack of een dag downtime. Dat is geen voorspelling, wel een risico dat je met onderhoud koopt of met stilstand oploopt.
Een statische site verschuift het probleem
Wij bouwen veel sites statisch: de pagina's worden een keer opgebouwd en als kant-en-klare bestanden geserveerd, bij ons meestal via Astro en Netlify. Geen database, geen plugins, geen inlogpagina op je server die iemand kan proberen te kraken. Het aanvalsoppervlak is daardoor een fractie van dat van een klassieke WordPress-site, en er is simpelweg veel minder dat kan verouderen of breken.
Eerlijk blijven: onderhoud verdwijnt niet volledig. Je werkt af en toe nog teksten bij, je vervangt een gebroken link, en heel af en toe update je een onderdeel van de bouwtechniek. Maar het verschuift van "elke maand iets dat kan breken" naar "af en toe iets bijwerken wanneer jij dat wil". Dat verschil is waar het hier om draait.
Doorlopende opvolging heeft wel degelijk waarde wanneer het om echte doorontwikkeling gaat: nieuwe pagina's, campagnes, dingen die je site verder brengen. Dat is iets anders dan elke maand betalen om een stapel plugins overeind te houden die je met een andere platformkeuze nooit had gehad. Wij bouwen vaak net statisch om dat tweede soort factuur overbodig te maken, en houden de ruimte vrij voor het eerste. Die keuze past niet bij elke klant, maar ze is bewust.
Wanneer WordPress net de juiste keuze is
Want statisch kan niet alles, en WordPress is geen slechte keuze. Voor Louis Van Belle was het net de juiste. Hij wilde zijn website zelf beheren: pagina's aanpassen, blogs schrijven, zijn SEO finetunen, zonder telkens bij ons aan te kloppen. Daarom bouwden we een WordPress-site en gaf ik hem een persoonlijke Zoom-tutorial waarin we de hele site van A tot Z doornamen. Binnen enkele dagen kon hij er zelf mee weg.
Wie elke week zelf wil publiceren en sleutelen, zit vaak beter bij een CMS zoals WordPress. En sommige dingen passen gewoon niet in een statische opzet: een webshop met live voorraad, een ledenzone, een site die honderden keren per dag verandert. Kies je dan voor WordPress, dan hoort dat onderhoud er gewoon bij. Dat is geen bezwaar. Het wordt er pas een als je die last niet zag aankomen.
Wat dat onderhoud je kost
De kosten volgen uit het werk dat nodig is. Een website waarvan de inhoud zelden verandert kan weinig aanpassingen vragen. Een site met technische afhankelijkheden of wekelijkse nieuwe functies vraagt meer opvolging en budget. Bij Fokuus bespreken we die behoefte per project. Een IT-overeenkomst kan passen bij doorlopend werk, maar is geen standaardvoorwaarde voor elke site. We registreren alle bestede tijd en maken die inzichtelijk voor de klant.
Let ook op wat hosting wel en niet oplost. Gewone webhosting, bij een Belgische partij als Combell te krijgen vanaf een handvol euro per maand, houdt je server draaiend maar werkt je plugins niet voor je bij. Dat blijft mensenwerk, of een betaalde afspraak: een managed-WordPress-pakket, dat Combell ook verkoopt voor meer per maand, neemt die updates net wel over. Zo of zo betaal je voor dat onderhoud, met tijd of met geld. Wat een website zelf kost om te laten bouwen, lees je in onze kostengids voor websites. Hier gaat het om wat er daarna elke maand nog bij komt.
Reken de onderhoudslast mee, niet pas na de offerte
Vraag bij elke offerte niet alleen wat de site kost, maar ook wat ze elk jaar aan onderhoud vraagt en wie dat doet. Een goedkope site die niemand opvolgt, is op drie jaar vaak duurder dan een iets duurdere die je gewoon met rust kan laten.
Kies je onderhoud op dag een
De vraag is dus niet zomaar "WordPress of statisch". De echte vraag is: hoeveel wil je zelf aan je site sleutelen, en hoeveel onderhoud aanvaard je in ruil? Wil je zelf publiceren en uitbreiden, dan is een CMS met onderhoud een eerlijke ruil. Wil je een site die jaren gewoon zijn werk doet zonder maandelijkse zorg, dan is statisch bijna altijd de betere keuze.
Wat je vooral niet wil, is jaren stilstand zonder dat iemand het onderhoud op zich neemt, zoals met de oude site waarmee TaxFlow bij ons kwam. Beslis het bewust, op de dag dat je kiest, niet op de dag dat je site stilvalt. Twijfel je welke kant voor jouw zaak klopt? Leg je situatie voor, dan zeggen we eerlijk wanneer WordPress de betere keuze is, ook al bouwen wij het liefst statisch.